Brief 9: Rondleiding

De leerlingen worden gevraagd hun partners een rondleiding te geven. Dit dient te gebeuren op drie verschillende niveaus.
Niveau 1: De onmiddellijke omgeving.
Op dit niveau kunnen de leerlingen iets schrijven over hun buurt. Ze
kunnen ook dingen vermelden waar ze in het bijzonder trots op zijn.
Dit kan gaan om zaken als bijvoorbeeld winkels, het zwembad,
speeltuinen en andere plaatselijke voorzieningen.
Niveau 2: De woonplaats
Op dit niveau kunnen de leerlingen schrijven over hun woonplaats of
de stad waarin zij wonen. Beroemde bezienswaardigheden of musea zijn
enige zaken die genoemd zouden kunnen worden. Zorg ervoor dat de
leerlingen proberen uit te leggen waarom zij voor deze zaken gekozen
hebben. Toeristische attracties kunnen worden genoemd, maar
persoonlijke dingen over het gebied zullen waarschijnlijk
interessanter zijn voor hun partners.
Niveau 3: Het land van de leerlingen.
Op dit niveau kunnen de leerlingen schrijven over de meest beroemde
bezienswaardigheden van het land of plaatsen (pretparken, zwembaden)
die ze met plezier hebben bezocht. Probeer te benadrukken dat ze
dingen moeten vermelden die typisch zijn voor het land, zonder de
fout te maken te vervallen in stereotypen.
De opdracht voor deze brief is het maken van een driedaagse rondleiding door het land. Deze rondleiding moet één niveau per dag bevatten.
Zoals in alle brieven is het ook hier
weer de bedoeling dat de leerlingen elkaar leren kennen. Daarom
moeten in de lijst persoonlijke voorkeuren vermeld worden. Een bezoek
aan het Arc de Triomphe zegt niets over het persoonlijke leven van
Franse kinderen, en een kaasmarkt heeft niet veel te maken met het
leven van de meeste Nederlandse kinderen. Een bezoek aan het
plaatselijke zwembad met vrienden is ongetwijfeld veel belangrijker
voor deze kinderen.