|
|
Een
tekening van mijn huis
Wat ga je doen?
|
Je laat je mailmaatje zien hoe jouw huis er aan de buitenkant uitziet, Je maakt samen met je klasgenoten een dorpje of buurtje van de huizen van de kinderen van de andere school op een muur een dorpje of buurtje. |
|
Opdracht
Maak een tekening of foto van het huis waarin je woont en mail het plaatje aan je mailmaatje.
Stap voor stap
|
|
Hoe ga je de tekening maken? Op papier en daarna scannen? |
|
|
|
Op de computer met Paint? |
|
|
|
Maak je een foto en scan je die in? |
|
|
|
Of maak je een foto met de digitale camera en haal je die de computer in? |
|
|
|
Sla je tekening op je diskette op. Noem het (je naam)… huis. Bijvoorbeeld Arnouts huis. |
|
|
|
Stuur je mailmaatje een mailtje met je huis als bijlage. |
|
|
|
Heb je mail? Open de bijlage van je mailmaatje |
|
|
|
Print de tekening of foto |
|
|
|
Knip het huis uit en plak het samen met de ander huizen op een groot vel papier. Zorg ervoor dat er veel ruimte tussen de huizen blijft. Later gaan jullie die witte stukken opvullen met jullie eigen tekeningen |
|
In
de buurt
Wat ga je doen?
Rondom de huizen aan de muur is nog veel ruimte open. Wat zou daar staan denk je? Bomen, een straat, water, een fabriek of iets anders? Probeer te weten te komen wat er rondom het huis van je mailmaatje is Zorg ervoor dat deze voorwerpen rondom het huis komen te staan.
Opdracht
|
Vraag aan je mailmaatje wat er
rondom zijn of haar huis te zien is en hoe dit eruit ziet. Teken de
voorwerpen op papier, knip ze uit en plak ze rondom het huis. |
plaatje
elisabeth |
Stap voor stap
|
|
Schrijf de vragen die je aan je mailmaatje wilt stellen op papier. |
|
|
|
Schrijf nu de e-mail en stuur deze aan je mailmaatje. |
|
|
|
Houd in de gaten of je antwoord hebt ontvangen. |
|
|
|
Open de e-mail en lees het antwoord. |
|
|
|
Is het antwoord duidelijk? Weet je nu wat je gaat tekenen en hoe de voorwerpen eruit zien? Teken dan de voorwerpen en plak ze rond het huis. |
|
|
|
Als het niet helemaal duidelijk is, stel dan vragen aan je mailmaatje. |
|
Een
plattegrond van mijn huis
Wat ga je doen?
Hoe ziet een huis er vanbinnen uit? Dat kun je zien aan een plattegrond. Eerst teken je een plattegrond van je huis. Daarna maak je in Word een beschrijving van de plattegrond, dus je schrijft een stukje waarin je vertelt hoe je huis er van binnen uit ziet. Je mailt alleen je plattegrond naar je mailmaatje. De beschrijvingen worden apart door de leerkracht verstuurd. Je mailmaatje moet straks uit drie beschrijvingen uitzoeken welke beschrijving bij jouw plattegrond hoort.
Opdracht
Teken een plattegrond van je huis en scan hem in. Maak in Word een beschrijving van de plattegrond. Mail de plattegrond naar je mailmaatje en lever de beschrijving op diskette in bij je juf of meester.
Stap voor stap
|
|
Teken een plattegrond van je huis. |
|
|
|
Scan de plattegrond van je huis. |
|
|
|
Sla je plattegrond op op diskette en geef hem je eigen naam: Arnouts plattegrond. |
|
|
|
Maak in Word een beschrijving van je plattegrond. |
|
|
|
Sla je beschrijving op op je diskette. Geef hem een codenaam. Onthoud de code! Geef de diskette en de code aan de juf. |
|
|
|
Houd in de gaten of je post hebt van je mailmaatje. |
|
|
|
Print de plattegrond van je mailmaatje uit. |
|
|
|
De juf of meester geeft je drie beschrijvingen. Welke beschrijving hoort bij de plattegrond van je mailmaatje? Schrijf de code op. |
|
|
|
Stuur een e-mail aan je mailmaatje als je de juiste oplossing hebt gevonden. Vraag hem of de code klopt. |
|
|
Sinds
3 jaar woon ik bij… |
Als dingen konden spreken…
Wat ga je doen?
|
Stel je voor: je gaat op vakantie en je mag maar één ding
meenemen. Wat kies je dan? Je kiest een voorwerp uit en laat dat ding een
verhaal vertellen, bijvoorbeeld hoe het bij jou in huis is gekomen, wat zijn
toekomst plannen zijn of hoe het is ontstaan. Jij maakt het begin van het
verhaal. Je mailmaatje maakt dat verhaal af. |
plaatje
elisabeth |
Opdracht
Zoek een voorwerp uit. Vertel iets over dit voorwerp. Maak een verhaal in Word of tekenak een stripverhaal. Mail het aan je mailmaatje. Die maakt het (strip) verhaal af. Net zoals jij zijn verhaal afmaakt.
Stap voor stap
|
|
Zoek een voorwerp uit dat belangrijk is voor jou. |
|
|
|
Bedenk het begin van een verhaal. Bijvoorbeeld over wat het voorwerp allemaal heeft beleefd, hoe het is ontstaan, wat zijn toekomstplannen zijn. Schrijf het verhaal eerst in klad op papier. |
|
|
|
Ga je een verhaal schrijven? Typ de tekst in Word. |
|
|
|
Of wil je een stripverhaal maken? Teken de strip op papier en scan de tekening. Voeg de tekening in in Word en zet tekstballonnen bij de plaatjes. Of je maakt de strip in Paint en voeg de tekening in Word in en zet tekstballonnen bij de plaatjes. |
|
|
|
Sla de tekst of strip op je diskette op. Geef het een duidelijke naam, bijvoorbeeld Arnouts auto. |
|
|
|
Mail het verhaal of de strip als bijlage naar je mailmaatje. |
|
|
|
Houd in de gaten of je post
hebt van je mailmaatje. |
|
|
|
Open de bijlage van je
mailmaatje en lees de tekst of de strip. |
|
|
|
Maak het verhaal of de strip
af. Print het uit voor jezelf en mail het terug naar je mailmaatje. |
|
|
|
Houd weer in de gaten of je post hebt. Je mailmaatje heeft jouw verhaal afgemaakt. |
|
|
|
Lees het verhaal of strip
over jouw voorwerp dat je mailmaatje heeft afgemaakt. |
|
Handleiding
voor het gebruik van mijn kamer
Wat ga je doen?
Stel dat je mailmaatje een weekje bij jou komt logeren. En jij gaat bij hem logeren. Om je mailmaatje te helpen, maak je een handleiding voor het gebruik van je kamer. Daarin staat hoe de dingen werken, waarmee hij mag spelen en waarmee niet, hoe de apparaten werken. Zijn er planten of dieren te verzorgen? Bedenk zelf wat er nog meer in moet komen.
Opdracht
Maak een handleiding voor het gebruik van je kamer. Mail deze handleiding aan je mailmaatje.
Stap voor stap
|
|
Schrijf eerst op papier daarna in Word met tips voor je mailmaatje. Schrijf alles op wat belangrijk voor hem of haar is om te weten. Bijvoorbeeld: - De plaatsen waar dingen te vinden zijn - Dingen die leuk zijn om mee te spelen - Dingen die hij of zijn niet mag aanraken - Welke apparaten staan er in je kamer en hoe werken ze - Huisdieren die moeten worden verzorgd - Enzovoort |
plaatje
elisabeth |
|
|
|
Sla de brief op onder de naam handleiding van …. (je naam) kamer. |
|
|
|
|
Schrijf de e-mail aan je mailmaatje. Wens hem daarin een fijne vakantie en zeg hem dat je een briefje voor hem of haar hebt gemaakt. Voeg de handleiding als bijlage in. |
|
|
|
|
Ontvang de e-mail van je mailmaatje met zijn handleiding en lees de handleiding. |
|
|
|
|
Hebben jullie nog vragen voor elkaar? Stuur elkaar dan nog een e-mail met de vragen. |
|
|
Woonvormen
Wat ga je doen?
|
In je omgeving vind je allerlei soorten woningen, bijvoorbeeld een woonboot, een flat, een hut, een villa. Je zoekt op internet naar plaatjes van woningen in je omgeving. Je maakt er een beschrijving bij. Van de plaatjes en de teksten maak je een memoryspel in Word. |
|
Opdracht
Deze opdracht voer je uit met zijn vieren. Zoek op het internet
naar plaatjes en foto’s van de woonvormen die je in je omgeving vindt. Geef van
ieder huis een korte beschrijving. Maak in Word een tabel, voeg daarin de
foto’s en teksten in zodat het een memoryspel wordt. Mail het spel aan de
andere school.
Stap voor stap
|
|
Zoek op internet naar plaatjes van woningen. Gebruik een zoekmachine of de adressen op het werkblad. |
|
|
|
Zoek met zijn vieren minstens 10 plaatjes van verschillende woningen in de stad. |
|
|
|
Sla de plaatjes op een diskette op. Geef ze duidelijke namen (bijvoorbeeld een woonboot, noem je woonboot.) |
|
|
|
Maak op de computer bij elke woning een korte beschrijving van de woningen op papier. |
|
|
|
Maak een tabel in Word van 4 kolommen en 5 rijen. |
|
|
|
Voeg de plaatjes om en om in de cellen in. Schrijf in de lege cellen naast de plaatjes de beschrijving van het huis. |
|
|
|
Nu hebben jullie een memoryspel gemaakt. Sla het memoryspel op. |
|
|
|
Stuur een e-mail aan jullie 4 mailpartners en voeg het spel als bijlage in. |
|
|
|
Jullie ontvangen van jullie mailmaatjes ook een memoryspel. Print het spel, knip het uit en speel het met zijn vieren. |
|
Mijn
droomhuis
Wat ga je doen?
Jij en je mailmaat weten nu van elkaar hoe jullie wonen. In deze opdracht gaan jullie bedenken hoe je over 20 jaar zouden willen wonen. Het huis kan overal staan en zo groot zijn als je willen. Als je droomhuis klaar is ga je die vergelijken met het huis van je mailmaatje. Daarna maken jullie samen een droomhuis.
Opdracht
|
Maak in Word een beschrijving van je droomhuis. Mail deze naar je mailmaatje. Als je zijn droomhuis hebt ontvangen, dan vergelijk je hem met die van jou. Wat is hetzelfde en wat is verschillend? Vul in de tabel op werkblad 8 in wat de overeenkomsten zijn en de verschillen. Voor de verschillen bedenken jullie iets wat jullie beiden leuk vinden. Als jullie klaar zijn, maken je een tekening van het droomhuis. Je mailmaat maakt ook een tekening. Die tekening mail je aan elkaar. |
|
Stap voor stap
|
|
Bedenk hoe jouw droomhuis eruit ziet: hoeveel kamers heeft het, hoe ziet het er van buiten uit, is er een tuin bij, in welke omgeving staat het huis, hoe is het huis ingericht, uit welke metarialen is het gemaakt? Typ de tekst in Word. Sla de tekst op. |
|
|
|
Mail de tekst van je droomhuis als bijlage aan je mailmaatje. |
|
|
|
Wacht tot je zijn of haar tekst over droomhuis hebt ontvangen en lees de tekst goed. Wat zijn de overeenkomsten tussen jullie droomhuizen? Wat zijn de verschillen? |
|
|
|
Geef in werkblad 8 aan wat de verschillen zijn en wat de overeenkomsten. Misschien zijn er dingen waar jij niet aan hebt gedacht, en je mailmaat wel? |
|
|
|
Jullie gaan samen de laatste kolom invullen. De overeenkomsten kunnen er alvast in worden gezet. Om de beurt proberen jullie de laatste kolom in de vullen. Probeer een middenweg te vinden. Als jij bijvoorbeeld 10 kamers wilt en je mailmaat 4 kamers, dan kun je kiezen voor 7 kamers. Spreek af wie er begint. |
|
|
|
Zijn jullie beiden tevreden met het droomhuis? Maak er dan een tekening van in Paint. Je kunt ook de tekening op papier maken en vervolgens scannen. |
|
|
|
Sla de tekening op je diskette op. Noem het droomhuis van … en … (jullie namen). |
|
|
|
Mail je tekening naar je mailmaat. Lijken ze op elkaar? |
|
|
|